Categorie
- Bestellingen
- Leveringen
- Retouren
- Betaling
- Producten & Verbruiksartikelen
- Technische ondersteuning
- Automatisering & Cobot
- Lasveiligheid
- Service & Onderhoud
- Algemeen
- Lasprocessen & Lasdraden
Veelgestelde vragen
TIG lassen gebruikt een niet-afsmeltende wolfraamelektrode en beschermgas. Het geeft zeer hoge kwaliteit en nauwkeurige lassen, maar is trager en vraagt meer vaardigheid.
MIG/MAG gebruikt een afsmeltende draad en is sneller en productiever, maar minder nauwkeurig.
MIG/MAG gebruikt een continu aangevoerde draad met beschermgas. MMA gebruikt losse elektroden die opbranden.
MIG/MAG is productiever voor series, MMA is flexibel en geschikt voor buiten en moeilijk bereikbare plekken.
Gevulde draad (FCAW) is geschikt voor buitenwerk en dikkere materialen. Er bestaan gasloze varianten en varianten die extra beschermgas gebruiken.
Voordeel: hoge afsmeltsnelheid en geschikt voor minder schone oppervlakken.
Hardsolderen gebeurt bij lagere temperatuur en verbindt materialen zonder ze te smelten. Dit is geschikt voor dunwandig materiaal, leidingen en toepassingen waar vervorming beperkt moet blijven.
Lassen geeft sterkere verbindingen, maar meer warmte-inbreng.
Onder poeder lassen (SAW) is geschikt voor dikke platen en lange lassen.
Het proces levert hoge afsmeltsnelheid, diepe inbranding en zeer hoge kwaliteit, maar is alleen bruikbaar in werkplaatsomstandigheden.
TIG lassen levert zeer hoge laskwaliteit, weinig spat en is geschikt voor dun materiaal en roestvast staal. Nadelen zijn lagere lassnelheid en hogere kosten.
MIG/MAG is snel, geschikt voor seriewerk en eenvoudig te automatiseren. Nadelen: meer spat en minder geschikt voor zeer dun materiaal of hoge precisie.
MMA lassen is goedkoop, flexibel en bruikbaar in alle posities, ook buiten. Nadelen: lagere afsmeltsnelheid, meer slak en minder geschikt voor seriewerk.
Orbitaal lassen is ideaal voor ronde werkstukken zoals buizen in inox of medische gassen. Het garandeert constante kwaliteit en is vaak verplicht in hoogkritische sectoren.
Laserlassen biedt zeer hoge precisie, lage warmte-inbreng en hoge snelheid. Het is geschikt voor dunne materialen en hoogwaardige toepassingen, maar vereist dure apparatuur.
Aluminium wordt vaak gelast met MIG of TIG. MIG is sneller en geschikt voor dikker materiaal, TIG voor dunne platen en hoogwaardige afwerking.
Roestvast staal kan gelast worden met TIG voor hoge kwaliteit en MIG/MAG voor productiviteit. Bij constructies met hygiëne-eisen (voedings- of farmasector) wordt vaak TIG gekozen.
Constructiestaal wordt meestal gelast met MIG/MAG of MMA. Voor grote volumes en dikke platen kan ook onder poeder lassen (SAW) toegepast worden.
Massieve lasdraad is een volle draad die altijd gelast wordt onder beschermgas, zoals CO2 of menggas. Ze geeft een stabiele boog en glad lasresultaat, maar is gevoelig voor wind.
Gevulde draad (FCAW) heeft een holle kern gevuld met flux, een poeder dat bij het smelten bescherming en stabiliteit geeft. Afhankelijk van het type gebruik je die met extra gas of volledig gasloos.
Voordeel: beter geschikt voor buiten, minder gevoelig voor wind en vaak hogere afsmeltsnelheid.
Voor ongelegeerd en constructiestaal wordt meestal een G3Si1-draad (MIG/MAG) gebruikt (ook bekend als ER70S-6).
Voor roestvast staal is 308L de standaard voor 304-kwaliteit.
Voor aluminium zijn AIMg5- of AISi5-draden de meest toegepaste keuzes, afhankelijk van de legering en toepassing.
De classificatie geeft de chemische samenstelling en mechanische eigenschappen weer.
G3Si1 staat voor een staal-MIG-draad met extra silicium en mangaan. ER70S-6 is de Amerikaanse aanduiding voor een vergelijkbare draad.
Kopergecoate lasdraden hebben een dunne koperlaag die zorgt voor een betere elektrische geleiding, minder slijtage van de contacttip en minder oxidatie bij opslag.
Ze geven daardoor een stabielere boog en een langere levensduur van de toorts.
Een alternatief zijn blanke (ongecoate) draden, die minder koperspatten veroorzaken maar gevoeliger zijn voor oxidatie.
De keuze hangt af van de toepassing en persoonlijke voorkeur.
Hardsoldeerdraad wordt gebruikt voor het verbinden van dunne materialen of leidingen bij lagere temperatuur.
Dit beperkt vervorming en is ideaal voor koper of dunwandige buizen.
Bij gasloos lassen met gevulde draad (FCAW-S) komt de bescherming uit de flux in de draad. Dit maakt het proces geschikt voor buitenwerk en situaties waar wind het beschermgas zou wegblazen.
Het nadeel is dat de las meer spat en er een slaklaag ontstaat die verwijderd moet worden.
Bij lassen met beschermgas (MIG/MAG of FCAW-G) wordt de draad beschermd door een externe gasstroom, meestal CO2 of een menggas. Dit geeft een stabielere boog, schonere lassen en minder spat,
maar vraagt altijd een gasfles en is gevoeliger voor wind.
Lasdraad moet droog en roestvrij bewaard worden.
Laat de draad zoveel mogelijk in de originele, afgesloten verpakking tot gebruik.
Massieve staaldraad is gevoelig voor roest en moet opgeslagen worden in een droge ruimte met stabiele temperatuur om condens te vermijden.
Voor kritieke toepassingen wordt draad soms in een droogkast of klimaatkast bewaard.
RVS- en aluminiumdraden oxideren minder snel, maar moeten beschermd worden tegen stof en vuil. Vermijd altijd vocht, want dat veroorzaakt porositeit en slechte lasresultaten.
MIG-brazing gebruikt koper-silicium draden (CuSi).
Deze zijn geschikt om dun plaatwerk te verbinden met minder warmte-inbreng, vaak toegepast in carrosseriebouw.
